Ereveld komt tot leven… Hoe het ooit begon

Het begon met een leeg ereveld in Loenen bij Apeldoorn. Op een mooie zomerse dag in 2014. Een ereveld waar grafstenen liggen langs een meanderend pad door een prachtig bos. Stenen waaronder de stoffelijke resten begraven liggen van bijna 4000 Nederlanders omgekomen door oorlogsgeweld. Een plek die bijna een jaar later de locatie zou worden voor een nieuwe vorm van herdenken. Maar dat wisten we toen nog niet.

Dit verhaal Ereveld komt tot leven – laat zien welke weg er vanaf die bewuste zomermiddag heeft plaatsgevonden tot een Ereveld vol Leven nu. De zoektocht of dit wel kon? Of dit mocht? Mensen symbolisch tot leven brengen door hen weer terug te plaatsen achter de grafstenen in de leeftijd waarin zij ook gegaan zijn. Een vader van een omgekomen soldaat op vredesmissie vroeg ons ook: “Dus jullie gaan naar de hemel en vragen of mijn zoon voor heel even wil terugkeren en ons nog een keer wil aankijken? En misschien ons zelfs nog wat wil zeggen?

De moeder begon daarop zachtjes te huilen en werd getroost door haar dochter die haar broer verloren was. Want ja, dat was in feite wel wat wij deden. Deze vader van de overleden 20-jarige Timo Smeehuijzen verwoordde misschien wel iets waar wij de woorden nog niet op die manier voor gevonden hadden. Het was doodstil aan die tafel met dat gezin waar zijn afwezigheid zo aanwezig was. En loeispannend.

De ouders van Timo vonden het uiteindelijk een prachtig idee maar ook een heftige en een spannende gedachte maar zij besloten om mee te doen. Dat moment staat symbool voor hoe ongelooflijk spannend het was dit hele proces; Mogen wij u zoon, vader of grootvader symbolisch nog een keer opstellen?

Terugkijkend op dit proces is er veel moed voor nodig geweest van de bedenkers maar ook van alle partijen die besloten om mee te doen. Het Nationaal Comité organiseert al jaar en dag de Nationale herdenking op de Dam op 4 mei. De directeur was de eerste met wie ik het besprak en hij was ontroerd en zei: “Ik heb veel voorstellen gehad maar dit heb ik nog nooit gehoord. Het wordt een moeilijke klus en er ligt een enorme uitdaging om er geen theater van te maken en het niet kolderiek te laten overkomen. Maar volgens mij kan het. Ik ben voor en ik ga je voorstellen aan…” En zo kwam de cirkel op gang.

Er werden eerste schetsen gemaakt door onze collega Tina Willekes Scoon, die wij presenteerden aan verschillende mensen en organisaties om hen een beeld te geven van ons idee.

Wij hadden nog geen idee dat we daarna nog een hele lange weg te gaan hadden. Want we hadden geen ervaring om op terug te vallen. Dit was nog nooit eerder in de wereld gebeurd dus wij spraken over iets in onze verbeelding wat een nationale ervaring moest gaan worden. Over iets wat zo kwetsbaar en zo beladen en gedragen is. Het herdenken van oorlogsslachtoffers. Toch vonden wij dat het tijd was voor een herdenking die de jongere generatie meer zou aanspreken. En niet alleen zij maar ook de generatie die hier direct bij betrokken was geweest. Ook voor hen wilde wij een herdenking die meer het leven in zich droeg. Het leven wat verloren is gegaan en ook het leven wat is achtergebleven en een antwoord moesten geven op dit verlies.

Een dochter van een verzetsstrijder – zij is inmiddels 87 jaar – vertelde ons dat iedereen over haar vader sprak als een verzetsheld, maar als zij écht voor zijn graf zou staan en hij zou daar voor even verschijnen – wilde zij hem vooral laten zien wat hij allemaal gemist heeft. Zijn kinderen en kleinkinderen. Die opgroeiden zonder vader of opa. Was het dit nou écht waard, papa? – wilde zij weten.

Het is ons uiteindelijk gelukt om deze nieuwe manier van herdenken te realiseren. Met vallen en opstaan. Het heeft uiteindelijk enorm veel indruk gemaakt op de nabestaanden – op de scholieren die het volle veld hebben ervaren, op de mensen die achter de graven hebben gestaan – en ook op onszelf. Allen waren bereid om dit experiment aan te gaan en niemand wist wat hij kon verwachten. Wij ook niet.

Het is bijzonder om terug te kijken hoe dit tot stand is gekomen. Al deze mensen hadden hun eigen verwachtingen en misschien wel hun eigen bedenkingen – en al deze mensen zijn toch gekomen en geraakt geweest en zeggen; “Wat een geschenk – wat een leven. Het verlies krijgt een gezicht.

Dit proces van de realisatie van een Ereveld vol Leven is een bijzonder verhaal en toont ons zo hoe onze samenleving naar rituelen verlangt. Wij hebben er één mogen realiseren.

“Hoe creëer je een landschap waar mensen hun gemis, hun verlies te rusten kunnen leggen ? Durf je te wachten tot het stil wordt in dat landschap waar geen antwoord of oplossing is ? Leer je de mensen over het belang van getuigen voor dat wat gebeurd is en verloren is gegaan. En hoe we dat betekenis geven in het heden en de toekomst. Verhalen lossen niet altijd op. Ze zijn geruststellend, als ze genomen worden zoals het is. – dat ze niet mooier worden gemaakt.“ – Joke Goudswaard, trainer, therapeut en auteur van Phoenix Opleidingen.

Naar een idee van Nathalie Toisuta & Dennis Brussaard
Media Luna & DLGR